‘We moeten sociale media dwingen transparant te zijn’

Wat gebeurt er onder de motorkap van Facebook, Twitter, Uber, AirBnB en andere grote onlineplatforms? Die vraag stellen overheden, wetenschappers en journalisten zich steeds vaker, omdat de techbedrijven uit Silicon Valley zo’n belangrijke rol zijn gaan spelen in het dagelijkse leven. De buitenstaanders willen weten of de algoritmes van Facebook discrimineren, of Uber eerlijk concurreert, hoe Tinder potentiële partners selecteert. En daarvoor hebben ze data van die bedrijven nodig.

‘Big Tech’ geeft die data echter niet graag weg. Vaak schermt men met de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) of andere privacywetgeving die het delen van persoonsgegevens zou bemoeilijken.

Onderzoekers van het Instituut voor Informatierecht (UvA) pleiten in een nieuw rapport, uitgevoerd voor de Duitse burgerrechtenorganisatie AlgorithmWatch, voor transparantieregels die platforms verplichten om bepaalde data openbaar te maken. Ook verkent het rapport hoe gevoelige data vrijgegeven kan worden zonder privacyregels te overtreden.

Privacy-expert en mede-auteur Jef Ausloos: „We vinden strenge transparantie-eisen de normaalste zaak van de wereld in sectoren als de auto- en voedselindustrie, de financiële sector of op het gebied van milieu. Maar ook de producten van internetplatforms kunnen kwalijke gevolgen hebben voor de maatschappij: van kiezersmanipulatie en privacy-overtredingen tot het uitbuiten van werknemers en het in gevaar brengen van klanten. Daarom moeten we deze bedrijven dwingen op een controleerbare en toegankelijke manier te communiceren over wat ze doen, net als in al die andere sectoren gebeurt.”

Dat gebeurt nog niet?

„Nee, veel te weinig. Momenteel moeten we afgaan op klokkenluiders en onderzoeksjournalisten om te achterhalen wat er gaande is. Denk aan het Cambridge Analytica-schandaal: dat was nooit aan het licht gekomen als klokkenluider Christopher Wylie niet naar buiten was getreden.”

Over welke data hebben we het?

„Het kan van alles zijn. Bij sociale media kan je denken aan meer inzage in de algortimes die bepalen welk nieuws mensen voorgeschoteld krijgen of het openbaar maken van politieke campagnes. Maar je kunt geen eenvoudige lijst geven van bestanden die de platforms moeten delen: de technologie evolueert constant en de onderzoeksvragen dus ook.”

Valt het delen van die bestanden in lijn te brengen met privacywet AVG?

„De AVG wordt nu nog te vaak gebruikt als excuus om geen data te hoeven delen. Zo liep een initiatief waarbij Facebook bijna 1 miljard gigabyte aan ruwe data zou vrijgeven bijna twee jaar vertraging op, omdat volgens Facebook niet aan alle AVG-voorwaarden kon worden voldaan.

„Wij laten zien dat er veel compromissen mogelijk zijn waarbij informatie wordt vrijgegeven zonder de privacy van gebruikers in gevaar te brengen. Door grote databestanden te anonimiseren bijvoorbeeld. Daarnaast zijn er gevallen denkbaar waarbij toch persoonsgegevens gedeeld moeten worden. Daarom pleiten we voor een nieuwe op te richten autoriteit die dat in goede banen leidt. In de medische sector bestaat dat al langer. Zo is in Finland onlangs een instantie opgericht die als tussenpersoon fungeert bij het delen van data tussen ziekenhuizen en onderzoekers.”

Hoe nu verder?

„Het rapport ligt op het bureau van een aantal mensen in de Europese Commissie en het Europees Parlement. In Brussel wordt nu de nieuwe Digital Services Act opgetuigd; een belangrijke hervorming van de regelgeving omtrent online diensten. Datatransparantie is één van de hot topics. Hopelijk wordt het opgepikt.”

Een versie van

dit artikel

verscheen ook in


NRC Handelsblad
van 25 juni 2020

Een versie van

dit artikel

verscheen ook in


nrc.next
van 25 juni 2020

 

Read More